Home       Abonneren       Bodem       Informatie       KlankBodem       Chat       Profielen       Tell a friend       Inloggen       SitemapRSS feedsWat is RSS?
thema

Werken is cultuur maken

‘Maar ik maak toch geen symfonieën, toneelstukken, films? Ik schrijf toch geen romans? En een Rembrandt of een Van Gogh ben ik al helemaal niet!’ Ik hoor het je zeggen, en de meeste mensen geven je gelijk. Een kapster ben je misschien, een huisvrouw, een leraar, een verpleegkundige, een computertechnicus, bakker, systeemontwerper, secretaresse (M/V), assurantiemakelaar, sociaal pedagoog, mathematicus, kraamverzorgster (V) of als je de marktstandjes klaarzet, misschien een kraamverzorger (M) - maar cultuur maak je in al die vakgebieden toch niet? Jawel. En ’t is veel mooier dan je denkt.

De schepping

W
aarom niet gewoon beginnen bij het begin? Bij de schepping dus. Goed was die schepping, prachtig! We weten het zeker omdat God zelf het heeft gezegd. Zelfs veel beter dan alleen maar goed, meer dan alleen maar zinstrelende schoonheid, krachtiger dan alleen de weldadige uitwerking voor mensen. Er zit veel meer in dan wat je erin ziet. Er kan iets van gemaakt worden! De hof van Eden kan bewaakt, maar ook bewerkt worden (Genesis 2:15). Dat is cultuur: iets nog mooiers maken van de door God geschapen mooie natuur. Juist dat Adam en Eva, de mannelijke en de vrouwelijke mens, het beeld van God waren (Genesis 1:26v.) bepaalde hun unieke opdracht én gave: de afdruk van God in de rode aarde van de schepping achter te laten.
De zondeval heeft dit potentieel van de mens niet weggenomen; niets wijst daarop vanuit het oordeel dat God over de mens liet komen bij de vloek over de schepping. (Let wel: de aardbodem werd vervloekt, de mens nooit!) Het zwoegen, de dorens en distels en het zweet zijn bijverschijnselen, maar ze ontnemen geen mens het beelddrager-zijn van God, óók de onbekeerde mens niet.
In de mens als nieuwe schepping komt het beeld van God niet minder, maar juist méér tot uiting, want ‘u hebt de nieuwe mens aangedaan, die vernieuwd wordt tot kennis, maar het beeld van Hem die hem geschapen heeft’ (Kolossers 3:10).
Of we die nieuwe mens al volledig manifest terugvinden in Mozes, is maar de vraag: als oudtestamentische gelovige was hij nog steeds aan het zoeken naar wat pas veel later zou komen. Maar toch is hij, als belangrijkste figuur uit de oudtestamentische geschriften, een indrukwekkend voorbeeld van iemand die cultuur-scheppend bezig was. Als prins was hij de eerste veertig jaar van z’n leven bezig met de rijkdommen van Egypte, werd hij opgevoed in alle wijsheid van de Egyptenaren, en was machtig in woorden en werken (Handelingen 7:22), en de daarin verworven kennis paste hij toe als leider over het verloste volk.
Jezus, zonder enige twijfel de belangrijkste persoon van het Nieuwe Testament, leren wij voornamelijk kennen uit drie jaar van zijn bediening. Maar Hij begon als timmerman, en heeft vanaf zijn twaalfde zo’n kleine twee decennia met z’n handen het weerbarstige hout bewerkt dat de grondstof was in de werkplaats van Jozef. In feite is het heel indrukwekkend om de woorden van de Zoon over de relatie die Hij met de Vader had, terug te lezen vanuit de achtergrond van wat Hij had gedaan in het timmermansbedrijf
Wat Jezus, de timmerman, gedaan heeft, dat mogen wij ook doen als de nieuwe soort mensen.
Jozef & Zonen. ‘De Zoon kan niets doen van Zichzelf, tenzij Hij de Vader iets ziet doen... De Vader heeft de Zoon lief, en toont Hem alles wat Hijzelf doet...’ (Johannes 5:19v.).

De vleeswording

Dat de Zoon van God geïncarneerd is, ‘vlees’ geworden is, een mens zoals jij en ik, dat is geen moeizaam compromis van God, maar het is Gods heerlijkheid (Johannes 1:14). Daarin bevestigt God de waarde van de schepping, van de materie, van het gewone leven. ‘In Hem zijn alle dingen geschapen in de hemelen en op de aarde, de zichtbare en de onzichtbare, hetzij tronen, hetzij heerschappijen, het zij overheden, hetzij machten, alle dingen zijn door Hem en tot Hem geschapen. En Hij is vóór alle dingen, en alle dingen bestaan samen door Hem’ (Kolossers1:16v.). Als Schepper creëert de Zoon alles ‘naar het woord van zijn kracht’ (Hebreeën 1:3), en dan staat Hij in de timmermanswerkplaats met het zaagstof in zijn handen. Eerst treedt de Schepper op in al zijn creatuurlijke majesteit (Genesis 1), en dan gaat Hij als het ware een stapje opzij, en laat de mens van dat alles de prachtigste dingen maken (Genesis 2).
Wat Jezus, de timmerman, gedaan heeft, dat mogen wij ook doen als de nieuwe soort mensen, die Hem na zijn dood en opstanding en verheerlijking op aarde vertegenwoordigen. Met onze beide benen staan we in de modder van de aarde, met onze handen pakken we aan wat we vinden om te doen. Het is niet te min. De materie is van God. De schepping is prachtig. De mens gaat naar zijn werk, tot de avond toe (Psalm 104:23), om er iets nóg mooiers van te maken.
Vergeten we nu niet de zondeval? Nee, die vergeten we niet. De mens is sinds de zondeval dwars door Gods paradijs heen gelopen, als een olifant door de porceleinkast, maar hij heeft niet de structuur van het geschapene kapot kunnen maken, alleen de gerichtheid. Mensen hebben zich van God afgekeerd en zijn andere goden gaan dienen, afgoden. Maar als ze zich bekeren, kunnen ze de levende, ware God weer gaan dienen, óók in hun gewone werk.

Het kruis

Gehangen aan één concreet kruis op Golgotha is onze Heer Jezus gestorven, en heeft ons voor altijd verlost van de macht van de zonde, de dood, Satan. De zware slagschaduw van dat kruis valt over deze wereld. Het kruis is letterlijk een doodlopende weg, het einde van de allerbeste én allerslechtste pogingen van mensen om iets van Gods schepping te maken.
Wij kunnen
Het cultuur-maken dat God verheugt, komt voort uit de gerichtheid van ons hele wezen op Hem.
de wereld niet veranderen. O nee? Maar ieder stukje werk is toch verandering, op een kleine schaal? Alles wat uit onze handen komt, heeft toch verandering ondergaan? Jawel, maar al ons handwerk is ook stukwerk: gebroken en gebarsten. Een schat in aarden vaten. Wij mogen bouwen aan datzelfde koninkrijk dat onze Heer eens in volmaaktheid in deze wereld zal oprichten, en mensen zullen het kunnen zien: kijk! Een stukje van Gods rijk! Maar er is geen plaats voor cultuuroptimisme in de zin van: wij gaan de klus wel even klaren. Het kruis van de Heer Jezus betekent dat daar voor altijd een streep door komt te staan (Galaten 6:14).
De diepe gebrokenheid van de wereld leert ons dat we in een tussenperiode leven. Niet een passieve tussenperiode, zoals stille zaterdag, maar een tijd waarin wij nog niet alle dingen aan de Mensenzoon onderworpen zien – toch zien wij wel Jezus, met heerlijkheid en eer gekroond (Hebreeën 2:8v.)! Het cultuur-maken dat God verheugt, komt voort uit de gerichtheid van ons hele wezen op Hem.

De opstanding

Tegenover de gebrokenheid van de wereld staat Gods fantastische belofte. Er is wél reden tot geweldig optimisme, sinds de opstandingsdag. Jezus is opgestaan! In 1 Korintiërs 15 gaat het niet allereerst om de troost die dat heilsfeit brengt voor mensen die hun geliefden ten grave moeten dragen. Aan het slot (vs.58) worden wij allemaal weer met onze beide benen op de grond gezet, te midden van ons dagelijks werk. Let erop dat Paulus niet alleen degenen aanspreekt die bezig zijn met ‘het werk des Heren’, maar ons allemaal. Ons dagelijkse werk is het werk van de opgestane Heer. Zijn opstandingskracht sterkt onze handen, want we weten dat onze arbeid niet vergeefs is in de Heer.
Wat maakt het verschil? Het kader van het leven wordt anders. De Britse theoloog N.T. Wright heeft erop gewezen hoe Christus juist in zijn opstanding op een indrukwekkende manier cultuur heeft geschapen, door een verandering in het werkritme. Vanaf dat moment was de sabbat niet meer in tel, maar was de enige echte speciale dag de opstandingsdag, de eerste dag van de week (Johannes 20:19; Handelingen 20:7), ‘de dag van de Heer’ (Openbaring 1:10), dominica, dimanche. Overal waar het christendom kwam, werd de eerste dag van de week gevierd in plaats van de sabbat. Het hele leef- en werkritme was eens en voor al veranderd.

Pinksteren

De hemelvaart leidt tot de uitstorting van de Heilige Geest door de verheerlijkte Heer, en dat verandert niet alleen
We zijn een kathedraal aan het bouwen niet alleen maar wat met stenen aan het sjouwen.
het kader van ons werk, maar brengt onszélf in beweging. De Geest van God komt in ons wonen. Niet om niets te doen, en daar maar gewoon te ‘zitten’, integendeel: om in ons alles te mobiliseren wat God in jou en mij gelegd heeft. Wat erin zit, moet er ook uit komen.
Mensen worden anders, door de opgestane Heer: de nieuwe mens wordt zichtbaar, Christus in ons (Efeziërs 4:20-24; Kolossers 3:9vv.). Mensen worden anders door de inwonende Geest, jij en ik worden zichtbaar zoals God ons bedoeld had. De Geest maakt ongekende kwaliteiten in ons wakker.
Wel eens nagedacht over de Geest als Iemand die niet alleen de gaven in de gemeente toedeelt, maar die ook jouw talenten voor je dagelijkse werk kenbaar maakt en stimuleert, die je daarin wil coachen? Een gaventest is uiteraard een optie als je wilt weten hoe je in de gemeente functioneert, en een beroepentest voor als je een andere baan zoekt. Maar het gaat erover wie je ten diepste bént, en wat je in de maatschappij en voor andere mensen kunt betekenen. Dacht je dat de Heilige Geest daar niet over gaat? Natuurlijk wel! Daarin specialiseert Hij Zich juist graag, opdat je in al je woord en werk de Heer kunt grootmaken. Hij weet ’t beste op welke manier je ‘cultuur’ kunt maken, hoe je uit de prachtige schepping van God nog veel mooiere dingen kunt maken.

De nieuwe hemel en de nieuwe aarde

Mensen worden anders, daar begint het mee, door de Heilige Geest. Alle dingen worden anders. Gods sjaloom wordt eerst in de mensen zichtbaar, en dan ook in alle dingen (Kolossenzen 1:22,19).
Het loopt straks allemaal uit op de nieuwe hemel en de nieuwe aarde, en het nieuwe Jeruzalem (Openbaring 21v.). Wat een indrukwekkend monument van cultuur is dat! De heerlijkheid van God, en het Lam is er de lamp van. We doen ons dagelijkse werk niet voor niets. Bloed, zweet en tranen zijn voor velen van ons de begeleidende verschijnselen van het werken in een schepping die onder de vloek ligt, maar wijzelf bevinden ons onder de zegen van Gods eeuwige welbehagen. We zijn een kathedraal aan het bouwen, niet alleen maar wat met stenen aan het sjouwen. We doen ons werk coram Deo, voor Gods aangezicht, soli Deo gloria, alleen tot eer van Hem.

Boekentip:
In het bovenstaande heb ik nauw aansluiting gezocht bij het recent verschenen boek van Andy Crouch, Culture Making: Recovering Our Creative Calling, Inter Varsity Press, Downers Grove Ill., 2008

Q



DENKBODEM

1. Hoe kun je iets nóg mooier maken dan de Schepper heeft gedaan? Waarom zou God ons daarvoor willen inzetten?

2. Ken je nog iemand uit de Bijbel die cultuurscheppend bezig was? Waarin was dat zichtbaar?

3. Waarin zie je jouw persoonlijke opdracht om cultuur te maken tot eer van God? (En als je tijd hebt: stel diezelfde vraag eens aan familie, vrienden, kennissen...)

Naam
Email
Voer je reactie hier in


op 09-12-2008 om 12:01
Bert
Opnieuw aangenaam verrast door de keur aan artikelen over werken. Met veel plezier ook deze Bodem weer bijna in 1 adem uitgelezen.

In het bovenstaande artikel kwam ik echter ook een stukje tegen waar ik toch graag op wil reageren.

Ik citeer: "De Britse theoloog N.T. Wright heeft erop gewezen hoe Christus juist in zijn opstanding op een indrukwekkende manier cultuur heeft geschapen, door een verandering in het werkritme. Vanaf dat moment was de sabbat niet meer in tel, maar was de enige echte speciale dag de opstandingsdag, de eerste dag van de week (Johannes 20:19; Handelingen 20:7), 'de dag van de Heer' (Openbaring 1:10), dominica, dimanche." (Bodem, december 2008, Werken is cultuur maken, Henk P. Medema, blz. 21)

Schrijver vervolgt dan met te melden dat vanaf toen in de hele christelijke wereld de opstandingsdag werd gevierd en dat daarmee het hele werkritme voor eens en altijd veranderd was.

Nou hou ik er niet zo van om te spreken van zondagsvierders en sabbatvierders want dat suggereert altijd meteen allerlei verschillen, scheiding. We zijn allemaal volgelingen van Christus, dat geeft veel meer verbinding aan dan scheiding. Maar goed, ik ga wel op sabbat (zaterdag) naar de kerk en sta daarmee ook voor het principe dat God de dag van rust NIET veranderd heeft.
Dat mensen de redenatie maken voor de zondag in verband met de opstanding van Jezus kan ik begrijpen. Maar de conclusie dat de sabbat niet meer in tel was vanaf het moment van de opstanding is op zijn minst kort door de bocht en aanvechtbaar.
De teksten die erbij worden aangehaald als "bewijs" kunnen heel gemakkelijk ook een andere betekenis hebben. Paulus en Barnabas gingen ook gewoon op sabbat naar de synagoge. Overigens leert de geschiedenis ons ook dat het nog vele jaren geduurd heeft voordat de viering van de eerste dag van de week in zwang kwam en de sabbat geleidelijk aan begon te verdringen.

Met alle respect voor verschillende zienswijzen en interpretaties is deze conclusie in dit artikel me te snel, te makkelijk en te slecht onderbouwd. Jammer.

Overigens blijf ik gewoon abonnee, want ook in deze "Bodem" vind ik veel meer binding, dan scheiding tussen christenen van allerlei pluimage. Ik kijk alweer uit naar het volgende nummer.