V
eel christenen zitten op hun werk met een schuldgevoel. Ze hebben het gevoel dat hun christen-zijn daar te weinig naar voren komt. Er wordt wel gesproken over het feit dat je als christen een getuige behoort te zijn op je werk, maar hoe je als christen met lastige situaties om moet gaan, daar hoor je weinig over. Alsof God niet geïnteresseerd is in je werk en je alleen maar ziet als een instrument om het evangelie door te geven. Het ‘moeten’ kan behoorlijk wat stress en frustratie opleveren. Want wie kan er nou voldoen aan de hoge normen van Jezus, als Hij ons licht en zout noemt? De leer (op zondag) en het leven (op maandag) kunnen behoorlijk uit elkaar lopen. Trouwens - over welke leer hebben we het eigenlijk?
Wat is werk?
Voor de meeste christenen is ‘werk’ niet veel meer dan een manier om geld te verdienen, structuur in je leven te krijgen, sociale contacten te hebben, een imago op te houden, tot ontplooiing te komen of een bijdrage aan de samenleving te leveren. Bijna iedereen vindt ‘gewoon’ werk minder belangrijk dan ‘geestelijk’ werk. Voor veel christenen hebben werk en geloof niets met elkaar te maken. Sommigen verbinden werk aan de zondeval, en zien het in zekere zin als een vloek, n.a.v. de beroemde uitdrukking uit Genesis 3:17-19 ‘in het zweet uws aanschijns’. En er zijn ook christenen voor wie werken een platform is om te kunnen evangeliseren.
De bijbelse visie staat haaks op onze theologie van werk en arbeid. Adam en Eva kregen nota bene al vóór de zondeval van God de opdracht om te heersen en te werken (Gen. 1:26, 28 en 2:15, 19). De waarde van ons werk ontlenen we dan ook aan God zelf, die als Schepper werkzaam is. In ons werken mogen we Hem weerspiegelen en met Hem een ruimte scheppen waar de mens kan bloeien. En daarom is God ook geïnteresseerd in wat wij doen en wil Hij betrokken zijn. Verder in het Oude Testament vormt het leven één geheel, is er wat betreft werk geen onderscheid tussen het 'natuurlijke' en 'geestelijke'. Denk aan Jozef, David, Nehemia, Amos, Daniël, Ester en een bijbelboek als Spreuken. Deze bijbelse personen waren actief in de politiek, in het stadsbestuur, als landbouwer, enz., en God zegende dat werk. Sterker nog, Hij had er de hand in dat zij die taak kregen toegewezen! In het Nieuwe Testament is het niet anders. 'Wat u ook doet, doe het van harte, alsof het voor de Heer is...' (Kol. 3:23), 'Maar zonder Mij kun je niets doen.' (Joh. 15:5), 'Zo moet jullie licht schijnen voor de mensen, opdat ze jullie goede daden zien en eer bewijzen aan jullie Vader in de hemel.' (Matt. 5:16). Jezus noemt ons 'het zout der aarde' en 'het licht van de wereld' (Matt. 5:13-16). Voor God is het dus niet belangrijk wat we doen, of waar, maar wie we zijn en met welke houding en motieven we dingen doen.
Je zou mogen stellen dat God een werker is, en wij als beelddrager Gods dus ook. Timoteüs wordt niet voor niets ‘mede-werker van God’ genoemd in 1 Thess. 3:1.
En hoe staat de kerk tegenover werk?
'Gewoon werk' wordt nog te weinig gezien als opdracht en kans, en te veel als een min of meer noodzakelijk kwaad om in ons onderhoud te voorzien en de kerk te financieren. In de gemeente zijn er dus nog weinig preken over 'geloven op maandag', is er nauwelijks onderwijs over 'christen zijn op je werk', en is er een povere pastorale zorg voor deze werkers in de frontlinie...
Opvallend dus eigenlijk: voor de kerk is werk nog vaak iets dat tijd en energie kost en afleidt van de hoofdzaak, het evangelie verkondigen. En voor gewone christenen is de kerk nogal eens een vorm van vrijetijdbesteding...
Zo krijgen actieve christenen soms de vraag voorgelegd of ze nog een extra taak op zich willen nemen. Dan kun je het gevoel hebben te moeten kiezen: óf je gaat meer in de kerk doen en kiest ‘dus’ voor God, óf je kiest voor je werk/ carrière en kiest ‘dus’ voor jezelf. Deze tegenstelling lijkt logisch, maar berust op een ernstige misvatting.
Bij ons zijn 'fulltime christenen' zoals voorgangers en zendelingen, geestelijker en dus belangrijker dan 'gewone christenen'. We kennen zelfs intuïtief een zekere rangorde toe aan een aantal christelijke functies. Bovenaan staat (en dus het belangrijkst is) onze geestelijke leider (predikant/ voorganger/ pastor/ pastoor, enz.). Dan komt de zendeling/ missionaris die meestal fulltime en ergens ver weg voor God werkt. Vervolgens de fulltime kerkelijk werkers. Dan de 'tentenmaker' die in een voor het evangelie gesloten land weliswaar een 'gewoon beroep' heeft, maar er eigenlijk is om het evangelie bekend te maken. Daarna komt degene die een geestelijk ambt vervult als ouderling/ oudste/
Steeds meer christenen zijn bezig met geloven op maandag en hun christen-zijn op het werk.
diaken/ kerkelijk werker enz. En tenslotte, helemaal onderaan, de 'gewone christenen'... Ruwweg dus het onderscheid tussen ‘geestelijkheid’ en ‘leken’.
Deze tegenstelling gaat al terug tot de vroegchristelijke kerk bij kerkvader Augustinus. Daar kwam onder invloed van het neoplatonisme de idee op dat materie niet belangrijk is, maar alleen het geestelijke. Dit heeft de theologie doortrokken, en bepaalt mede onze hedendaagse kijk op de werkelijkheid. Sinds de Reformatie is het priesterschap van álle gelovigen in de Bijbel weliswaar herontdekt, maar helaas niet voldoende uitgewerkt.
Hoopvolle ontwikkelingen
Het is opvallend dat de laatste jaren de belangstelling voor het thema ‘christenzijn op je werk’ zeer sterk is toegenomen. Dat blijkt niet alleen uit de media-aandacht, maar vooral uit ‘het veld’. Een artikel in een blad schrijven is immers geen garantie voor draagvlak.
Was er vorig jaar in de media al meer dan 40 keer expliciete aandacht voor dit onderwerp met als hoogtepunt een item in het NOS Journaal op 3, dit jaar gaat het om een veelvoud aan items. In meer dan 500 kerken in Nederland hangen inmiddels ook een of meer posters die christenen aanmoedigen om samen met een christencollega te gaan bidden. Het aantal bedrijfsbidstonden is in 2008 opnieuw sterk aan het stijgen, op ruim 250 locaties in ons land wordt door christencollega’s samen gebeden, in kleine bedrijfjes en multinationals, maar ook bij steeds meer gemeenten, provincies en alle ministeries.
Over wat christen-zijn betekent in je eigen beroepsgroep wordt nagedacht in 38 verschillende netwerken van christenprofessionals door maar liefst 69 verschillende groepen en organisaties. Je kunt met collega’s over God praten in een speciale Alpha-cursus in twee vormen: 'Alpha op de werkplek' (in de lunchpauze met collega’s) en 'Business Alpha’ (speciaal voor leidinggevenden).
Ook binnen de kerk zijn er tekenen van een kentering. Heel actueel natuurlijk is de vraag of het ‘gij geheel anders, gij hebt Christus leren kennen’ (Ef. 4:20) misschien ook wel betrekking zou kunnen hebben op ons leven op maandag... En zo ja, hoe dan... Steeds meer christenen ontdekken dat de kerk hen daarin in hun ‘gewone werk’ steunt door hen heel nadrukkelijk aandacht te geven in hun midden-in-de-wereld-staan. Er is een luisterend oor voor de behoeften van de werkers en gebed: wat zijn de belangrijkste kwesties op het werk/ school? En hóe kan de gemeente hen beter steunen op deze gebieden? Organisaties die zich hierin gespecialiseerd hebben, zoals www.gelovenopmaandag.nl, kunnen hierbij erg behulpzaam zijn. De bijbelse visie op arbeid mag ook in de kerk in het zonnetje gezet worden en onze visie vervangen. In de preken op zondag en in het onderwijs is stelselmatig aandacht nodig voor ‘christen zijn op je werk’ en de roeping van christenen op hun werk. Er zijn veel onderwerpen die daarbij kunnen helpen. Denk dan aan bijvoorbeeld: Theologie van het werk / Roeping / Het werk als bedieningsterrein / Getuigen op het werk / Omgaan met chefs / manipulatie / Gezag dragen / Schepping / Succes / Falen / Ambitie / Ontspanning / Rust / Sabbat / Geld en schulden / Eerlijkheid (geen tweeërlei gewichten gebruiken) / Druk en stress / Timemanagement / Flirten / Seksuele verleiding / De waarheid spreken / Milieuzaken / Geestelijk zijn op het werk. Er zijn ook goede boeken over dit onderwerp, die kun je bijvoorbeeld samen op een (interkerkelijke) studiekring behandelen.
Tot slot
Christenen nemen steeds bewuster hun plaats in de maatschappij in. Het aantal christenen dat structureel sàmen bidt voor hun kerk, school, buurt, stad, werk, enz., neemt gestaag toe. De koudwatervrees van sommige christenen is aan het afnemen. Dat de bidgroepen soms nog klein zijn is niet verwonderlijk. Want bidden is zelden populair. Toch zijn ‘bedrijfsbidders’ tot grote zegen voor hun omgeving. En... worden zelf ook enorm verrijkt, zowel door de geestelijke dimensie als door het contact met christencollega’s. Niet in de laatste plaats als ze zo nu en dan merken dat God mede door hùn gebeden iets verandert in deze (geestelijke) wereld.
Boekentips
• ‘Help! Het is weer maandag’ van Eddy de Pender (ISBN 9058812200)
• ‘YES! 't Is weer maandag’ van Mark Greene (ISBN 906353468x) met het ‘Ebook YES! 't is weer maandag’, zie http://www.medema.nl/index.php?item=toonobject&id=2476,
• 'Moderne Koningen' van John S. Garfield en Harold R. Eberle (ISBN 9075226713).
• ‘Preken voor paarden’ van Kent Humphreys (ISBN 9789085201052).
Q
DENKBODEM
1. Hoe zit dat met jou: is het christenzijn op je werk voor jou een gave of een opgave? Welke factoren maken het moeilijk of makkelijk voor jou?
2. Waarom doe jij het werk dat je doet? Geloof je dat er banen of beroepen zijn die meer 'geestelijk' zijn en daardoor meer status hebben bij christenen of zelfs bij God?
3. Ga voor jezelf eens na hoe jij in je werk God kunt weerspiegelen en meer van het evangelie kunt laten zien.
4. Neem tijd voor gebed (dat mag ook met collega's in je lunchpauze :-). Leg de twijfels, drempels en vragen die jij hebt bij het christenzijn op je werk aan Hem voor.kqSgix arruevjdqkir, [url=http://yvsakbqiolcl.com/]yvsakbqiolcl[/url], [link=http://fchvkhhnlfce.com/]fchvkhhnlfce[/link], http://nkmagofmkkya.com/