Een brede traditie
'
Pelgrim' en de daarbij behorende ‘pelgrimage’ staan weer volop in de belangstelling, zoals we kunnen lezen in tijdschriften over ‘spiritualiteit’ en ‘zingeving’. Het spreekt blijkbaar de westerse mens van vandaag aan. Het is bijzonder dat iemand voor een bepaalde periode zijn of haar baan laat voor wat die is en met een minimum aan middelen een tocht met een ‘doel’ gaat maken. Eigenlijk zien we zo iemand toch wel een beetje als een ‘heilige’, iemand die het leven belangrijker vindt dan alleen op zoek zijn naar rijkdom en status.
Pelgrimage is een oud gebruik en komt voor in alle grote godsdienstige tradities. We hoeven maar te denken aan de moslimbedevaart naar Mekka waarna de pelgrim zich
hadji mag noemen, en de wens van de gelovige hindoe om naar Benares te gaan en een bad te nemen in de rivier de Ganges. Daar zijn nog duizenden voorbeelden aan toe te voegen, maar het is wel duidelijk dat de pelgrim in een brede, rijke traditie staat en dat er blijkbaar overeenkomsten bestaan tussen de pelgrimages van de verschillende religies.
Pelgrimage: enkele godsdienstwetenschappelijke kenmerken
In het kader van dit artikel wil ik voorbeelden uit drie disciplines naar voren halen, namelijk de psychologie, de sociologie en de antropologie. (Deze drie voorbeelden komen straks in de vragen van DenkBODEM terug.)
(1) De
godsdienstpsychologie: bij alle godsdiensten zien we in de pelgrimsreis vormen van bezinning op het eigen geestelijke leven.